voor vermogende particulieren, bedrijven & DGA’s en ondernemers

Zakgeld of loon voor kind DGA?

Onderhoudskosten voor kinderen kunnen behoorlijk oplopen. Als DGA heb je een paar mogelijkheden om die kosten deels via de BV te laten lopen en soms zelfs fiscaal aftrekbaar te maken. Hieronder de twee belangrijkste routes.

Hoe je kinderen belonen en dit fiscaal als aftrekpost nemen
Het wordt niet vaak hardop gezegd, maar voor velen is het een waarheid: de onderhoudskosten voor kinderen zijn duur! Kun je een deel van die kosten ook als kosten voor de onderneming in aftrek nemen? Je zou bijvoorbeeld de kinderen zelf hun kosten voor onderhoud e.d. kunnen laten betalen. Maar dan moeten ze wel inkomen hebben.

Kind verricht werkzaamheden voor de BV
Je kunt je kind gewoon in dienst nemen en loon uitbetalen. Heeft het kind geen andere inkomsten, dan heeft het recht op de heffingskorting.
Afhankelijk van de leeftijd van het kind (en het aantal uren dat het mag werken) kan een kind tot ergens tussen de € 3.000 en ruim € 9.000 per jaar verdienen zonder dat er per saldo inkomstenbelasting verschuldigd is, voor een kind van rond de 13-14 jaar ligt dit doorgaans richting de € 7.000, mede door de beperkingen die de kinderarbeidswetgeving stelt aan het aantal werkuren op die leeftijd. Wel moet er rekening mee worden gehouden dat er mogelijk nog wat premies werknemersverzekeringen moeten worden betaald. De loonkosten zijn gewoon bij de BV aftrekbaar.

Studietoelage voor kind vanuit de BV
In de studietijd kunnen de kinderen ook worden ondersteund door de BV via een studietoelage. Dus geen loonkosten, maar een ondersteuning rechtstreeks vanuit de BV.
De Belastingdienst staat hier sceptisch tegenover indien het wordt verstrekt vanuit de personal holding van de DGA en uitsluitend aan diens eigen kinderen, dat risico bestaat dat dit wordt gezien als een uitdeling aan de aandeelhouder (belast in box 2) in plaats van loon.


Kent bijvoorbeeld de werk-BV de studiekostenregeling toe aan alle studerende kinderen van het personeel, dan is dat doorgaans geen probleem.
Dit volgt uit het standpunt van de Kennisgroep (KG:204:2022:23). Dit biedt ook mogelijkheden om extra voorzieningen te treffen voor personeelsleden, om ze meer aan de onderneming te binden.

Noot: Het antwoord is gebaseerd op de bij ons bekende wetgeving en jurisprudentie per de hierboven aangegeven datum.