voor vermogende particulieren, bedrijven & DGA’s en ondernemers

Wat zijn de tarieven van de overdrachtsbelasting in 2026?

In 2026 kent de overdrachtsbelasting drie tarieven: 2% voor een woning waarin de koper zelf voor langere tijd gaat wonen en waarvoor de startersvrijstelling niet geldt, 8% voor een woning waarin de koper niet zelf voor langere tijd gaat wonen, en 10,4% voor alle andere onroerende zaken. Onder voorwaarden komen starters tot 35 jaar in aanmerking voor volledige vrijstelling.

Welke tarieven overdrachtsbelasting gelden er in 2026?

De tarieven zijn 2%, 8% en 10,4%.

  • 2% voor de woning waarin de koper zelf voor langere tijd gaat wonen en waarvoor de startersvrijstelling niet geldt.
  • 8% voor de woning waarin de koper niet zelf voor langere tijd gaat wonen.
  • 10,4% voor alle andere onroerende zaken.

Wanneer geldt het tarief van 2%?

Verkrijgt u een woning waarin u zélf voor langere tijd gaat wonen? En bent u tussen de 18 en 35 jaar? Als u ook voldoet aan de andere voorwaarden, komt u in aanmerking voor de startersvrijstelling. U hoeft dan geen overdrachtsbelasting te betalen. Verkrijgen betekent in de meeste gevallen dat u de woning koopt, maar dat hoeft niet: het kan ook gaan om het krijgen van (een aandeel in) een eigendom als gevolg van bijvoorbeeld erfpacht, opstalrecht, vruchtgebruik of appartementsrecht. Onder woningen verstaan wij onroerende zaken die op het moment van de overdracht naar hun aard bestemd zijn voor bewoning, inclusief de bij de woning behorende aanhorigheden. Op (te verbouwen) bedrijfsgebouwen en bedrijfsruimtes, afzonderlijke garageboxen en grond bestemd voor woningbouw is de startersvrijstelling niet van toepassing. Ook als u een woning koopt die na de koop wordt gesloopt, is het 2%-tarief of de startersvrijstelling mogelijk niet van toepassing, maar geldt het tarief van 8%. Voor woningen waarin u niet zelf voor langere tijd gaat wonen, zoals een vakantiewoning of een tweede woning, betaalt u 8% overdrachtsbelasting.

Aan welke voorwaarden moet u voldoen voor de startersvrijstelling?

U hebt recht op de startersvrijstelling als u voldoet aan de volgende 4 voorwaarden:

  1. U verkrijgt een woning waarin u zélf voor langere tijd gaat wonen.
  2. U bent meerderjarig en jonger dan 35 jaar op het moment dat u de woning verkrijgt. Het moment van verkrijging is het moment van ondertekening van de notariële leveringsakte bij de notaris.
  3. U hebt niet eerder gebruikgemaakt van de startersvrijstelling.
  4. Op het moment dat u de woning verkrijgt, mag de woningwaarde niet hoger zijn dan € 555.000. Het gaat om de waarde in het economisch verkeer: daarmee wordt de maximale waarde van de woning op de vrije markt bedoeld. Het gaat dan om de woning inclusief eventuele aanhorigheden, zoals een tuin, schuur of garage. De waarde in het economisch verkeer is meestal gelijk aan de koopsom zoals die in uw koopovereenkomst staat. Is de koopprijs inclusief aanhorigheden hoger, bijvoorbeeld € 560.000? Dan hebt u dus geen recht op de startersvrijstelling. Staat de woning op erfpachtgrond, dan wordt ook de waarde van de gekapitaliseerde canon bij de waarde van de woning opgeteld.

Wanneer geldt het tarief van 8%?

Verkrijgt u een woning waarin u niet zélf voor langere tijd gaat wonen? Denk bijvoorbeeld aan een vakantiewoning of een woning die u gaat verhuren. Dan is de overdrachtsbelasting 8%. Verkrijgen betekent in de meeste gevallen dat u de woning koopt, maar dat hoeft niet: het kan ook gaan om het krijgen van (een aandeel in) een woning in de vorm van bijvoorbeeld erfpacht, opstalrecht, vruchtgebruik of appartementsrecht. Onder woningen verstaan wij onroerende zaken die op het moment van de overdracht naar hun aard bestemd zijn voor bewoning, met inbegrip van de bijbehorende aanhorigheden. Ook als u een woning koopt die na de koop wordt gesloopt, is het 8%-tarief van toepassing. Op (te verbouwen) bedrijfsgebouwen en -ruimtes, afzonderlijke garageboxen en grond bestemd voor woningbouw is het 10,4%-tarief van toepassing.

Voor welke onroerende zaken geldt het tarief van 10,4%?

Het tarief van 10,4% geldt voor onroerende zaken zoals:

  • bedrijfsgebouwen en bedrijfsruimten;
  • grond die bestemd is voor woningbouw;
  • aanhorigheden die niet gelijk met een woning worden gekocht, bijvoorbeeld een tuin, garage of schuur;
  • percelen onbebouwde grond;
  • een gekochte steiger en het water bij een woonark;
  • hotels en pensions;
  • kerkgebouwen;
  • een onroerende zaak die bestemd is voor gebruik als verpleeginstelling, verzorgingsinstelling of ziekenhuis;
  • internaten;
  • de verkrijging van de economische eigendom van niet-woningen.

Wat is de uitzondering bij een pand met zowel bedrijfsruimte als woning?

Koopt u een bedrijfsruimte waarin ook een (bedrijfs)woning staat, en gaat u zélf voor langere tijd in het woongedeelte wonen? Dan geldt voor het woongedeelte het tarief van 2% en de eventuele startersvrijstelling. Gaat u niet in het woongedeelte wonen, dan geldt het tarief van 8%. Voor de bedrijfsruimte geldt het tarief van 10,4%. Maar is de oppervlakte van de bedrijfsruimte 10% of minder van het pand? Dan geldt voor het hele pand het tarief van 2% of de startersvrijstelling, als u zelf in het woongedeelte gaat wonen. Gaat u er niet zelf wonen, bijvoorbeeld omdat u het gaat verhuren, dan geldt het tarief van 8%.

Noot: Het antwoord is gebaseerd op de bij ons bekende wetgeving en jurisprudentie per de hierboven aangegeven datum.